• Fretten
  • Informatie
  • Frettery
  • Aanbod
  • Links

Inleiding

Ben jij geschikt voor frettenpups? Deze vraag wordt beantwoord onder belangrijke beslissingen. Vergeet ook vooral niet opvoeding goed in je op te nemen! Op deze pagina wordt er vanuit gegaan dat je een weloverwogen beslissing hebt genomen en weet waar je voor kiest als je één of meerdere pups wilt aanschaffen.

Wegens de grootste schaarsheid aan goede fokkers en de vele vraag naar gezonde pups is het vaak nodig dat men zelfstandig kan controleren of de pups goed gezond, gefokt en verzorgd zijn. Met name als beginner is het extra moeilijk een fokker te beoordelen wegens gebrek aan ervaring met fretten. Zo ken je nog slecht de gevolgen van een slechte fok of verzorging, maar is het ook zeer moeilijk te zien of de pup niet jonger is dan gezegd wordt. Een pup van 7 weken kan voor iedere (ook ervaren) eigenaar doorgaan voor 8 weken. De grootte van een pup zegt niets over de leeftijd omdat een pup met wat mindere verzorging zo de helft kleiner kan zijn. Hoe een pup zich gedraagt en doet overkomen qua ontwikkeling wel, maar je moet bijna zelf een fokker zijn om dit proces goed te kennen. Vertrouw dus niet zomaar iedere fokker die op je pad komt maar controleer alles zelfstandig zo goed als je kunt.

Het kiezen van het nest / de pup naar keuze

Een fokker moet bij je wensen en idealen aansluiten. Wanneer je net begint is het extra moeilijk om te bepalen wat je wensen en idealen zijn, gezien je nog geen of amper fretten kent. Grofweg is het belangrijkste waar veel beginners zonder kennis induiken speciale kleuren fretten (specials). Hierin zijn er 3 types te verdelen met allen zo hun eigen eigenschappen en genetische problemen:
  • Wit aftekening lijnen
  • Self/Solid lijnen
  • Angora lijnen

Fokkers die de voorkeur hebben voor deze lijnen zijn hier zeker weten niet altijd (maar nog vaak genoeg dus let toch op!) slecht mee bezig wanneer je bij de juiste zit, maar feit blijft dat standaard lijnen puur op karakter en gezondheid worden gefokt waarbij kleur een zeer minimale tot geen enkele rol speelt. Het is echter niet zomaar gezegd dat dit prettigere gezelschapsfretten zullen zijn want veel standaard lijnen worden bij fretteerders gefokt en worden dus op hun jachtkwaliteit beoordeelt. De standaard gezelschapsfokker is in Nederland nog maar enkele jaren in opkomst. Over gezondheid valt te twisten gezien goede special fokkers uiteraard altijd zullen trachten de gezondheid van deze dieren zo goed mogelijk te houden en hiervoor alles in het werk zullen stellen om de lijnen zelfs te verbeteren. Wanneer je hiervoor kiest weet dan wel wáárvoor je kiest en maak een bewuste keuze, want daar gaat het nu nog vaak mis. Hieronder de problemen per lijn op een rij en hoe ze te herkennen:

Wit aftekening lijnen
In een standaard lijn kan soms een witte bef of een wit teentje voorkomen (de prille mitt / witvoet variant). Iedere fret die een goede mitt heeft komt geheid uit een wit aftekening lijn. Van weinig naar veel krijg je vervolgens: Blaze, Pinto/Polka Dott (mengeling tussen Blaze en Panda), Panda, Marked White en DEW. Tevens is een Roan kleur concentratie (te vinden in Silver Mitt fretten, officieel de Black Roan Mitt) ook afkomstig door een percentage witte dekharen en dus ook een wit aftekening lijn.

Problemen in deze lijnen is veelal het karakter en doofheid (voortkomend uit het Waardenburg Syndroom die gepaard gaat met deze mutatie om wit te krijgen). De moertjes zijn duidelijk stukken feller dan andere lijnen wederom oplopend in de volgorde zoals hierboven vermeldt. De meesten beschikken over een uitgebreide specialistische handleiding en zullen nooit zeer handtamme fretjes worden. De rammen hebben met name last van doofheid tijdens hun puberteit. Op dit punt proberen ze vaak hun dominantie te tonen en doordat ze alleen hun zicht en geen gehoor hebben wordt het lastig om te bepalen wanneer een andere fret zich overgeeft. Andere fretten kunnen zich dan ook lelijk verwonden, met name in de nek. De boosdoener tijdelijk apart houden en zo snel mogelijk castreren is hier een oplossing voor.

Specifieke genetische problemen zijn vergroeiingen (zoals beenmerg, knikken in staarten, scheve neus), missen van genitaliën en/of staart, open schedels, vergroot hart, niet indalen van ballen en 6 tenen of dubbele nagels. Een interessant weetje is dat de pups in deze nesten ook in wederom dezelfde volgorde als hierboven aangegeven staat kleiner/zwakker zijn. Met een kans van 50% standaard en 50% wit aftekening zitten er ook wildkleurtjes in het nest, die altijd het grootste in het nest zijn.

Self/Solid lijnen
(veelal nog black self nu maar de basiskleur kan verschillen)

Deze kleur is nog maar enkele jaren in opkomst en er is zeer veel lijnteelt gebruikt om deze lijnen op te bouwen. Het niet indalen van ballen, 6 tenen of dubbele nagels en tumoren zijn veelvoorkomende problemen in deze lijnen.

Angora lijnen
Angora moertjes staan erom bekend geen, te weinig of melk te geven zonder genoeg voedingswaardes. Zij kunnen hierdoor hun eigen pups niet opvoeden en angora's worden vaak dan ook gefokt door de pups aan te leggen bij een kortharig tot half angora moertje. Een betere optie (waar nog altijd veel fretteneigenaren tegen blijven en dus tegen de fok van Angora's zijn) is het zogenaamde coparenten van de angora moer met een ander moertje, zodat zij samen 2 nesten kunnen opvoeden en de natuurlijk cyclus van de angora moer niet verloren gaat en uitgebuit wordt. Daarnaast zijn tumoren een veelvoorkomend probleem in deze lijnen.

Daarnaast worden deze lijnen praktisch bij iedere kleurenfokker gemengd waardoor ook de genetische problemen uit beide lijnen tegelijk aanwezig kunnen zijn of elkaar kunnen versterken. Daarnaast zijn er zeel veel problemen met de moertjes en pups in de fok en niet weinig pups overlijden. Dit krijg je echter als eigenaar niet snel te horen. Heb je dit alles over voor het kleurtje? Ga dan gerust je gang. Zolang je je maar bewust bent en ingelezen hebt waar je aan begint en de risico's die je neemt. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor standaard fretten. Weet wat je in huis haalt en bij wat voor fokker je aanklopt!

Besef je ook dat wanneer fokkers met deze kleuren fokken er standaard 50% kans is op specials en 50% standaard en deze standaard fretten allemaal uiterlijk er zo uitzien, maar van innerlijk dus wel veel dezelfde fouten meedragen. Zo zijn standaard fretten in een opvang dus ook lang niet altijd standaard fretten.

Vragen

Vraag dus altijd naar de ouders en grootouders van het nest (of je nu voor special of standaard gaat). Tevens belangrijk is waar zij vandaan komen en hoe de nestsamenstelling van de ouders zelf en wellicht zelfs grootouders was. Zijn er overlijdensoorzaken in de lijn bekend? Wanneer mogelijk laat deze informatie even controleren bij een goede special of standaard (welke je hebt gekozen in deze) fokker.

Let tevens op hoeveel nestjes de fokker per jaar heeft en hoeveel fokdieren er totaal zitten en let erop dat er niet te massaal wordt gefokt.

Let ook goed op de verzorging van de dieren. Worden de dieren in huis opgevoed of staan ze buiten? Worden de pups veel in handen genomen? Wat krijgen de fretten voor voeding?

Bij voorkeur is de fokker lid van een (landelijke) organisatie en is bekend met diens regels. In Nederland is een landelijke fokkersorganisatie "Frettenfokkers Nederland" (zie links). Let er op dat de fokker minimaal twee of drie jaar serieus fokt.

Een goede fokker schroomt niet je door te verwijzen naar een andere fokker of opvang wanneer zij denken dat dit een betere keus is of zij niets beschikbaar hebben. Een fokker moet niet overkomen alsof deze de pup wel érg graag verkoopt of ervan af moet.

Is de fokker bereidt levenslang gratis ondersteuning te bieden voor de fret en zal wanneer ook de fret terugnemen wanneer dit nodig blijkt?

Vraag wanneer niet bekend of de pup wordt verkocht inclusief een enting, chip, paspoort/entingsbewijs, contract en garantie en let erop dat de fokker hierbij eerlijk is over tekortkomingen zodra je deze tekent.

Wat is de leeftijd van de pup? Een pup mag nooit onder de 8 weken zijn.

Controleer bij langsgaan...

Of de informatie die je vooraf hebt gelezen en gekregen klopt. Controleer ook of de hokken schoon zijn. Controleer in het nest, wanneer de fokker dit zelf niet heeft gedaan (gezien veel dierenartsen ook niet weten waar op te letten) of alle pups 6 snijtandjes hebben (hele kleine tandjes tussen de bovenste hoektanden in, dat mogen er niet meer of minder zijn). Ook de ouders (een gezonde fret die niet tralie trekt of verkeerde voeding krijgt) behoren er 6 te hebben. Controleer ook of de balletjes bij de rammen uit het nest zijn ingedaald (dat kan sowieso vanaf 7 weken) en iets kleins als teentjes tellen (soms komt dat zelfs voor in de vorm van een dubbele nagel) hoort daar ook bij. Dit zijn erfelijke afwijkingen.

Een dierenartsbezoekje kan eigenlijk door de fokker niet overgeslagen worden gezien het wel belangrijk is dat alle hartjes gecontroleerd worden en hij/zij kijkt ook weer anders naar het spierweefsel bij een controle. Wanneer dit niet is gebeurt dan is het natuurlijk aan jezelf of je daar voor wilt gaan (met de risico's die daarbij kunnen horen). Ondanks dat je zelf met de pup naar de dierenarts gaat heb je niet de nestgenootjes en ouders kunnen controleren.

Bij voorkeur zijn de ouderdieren ook ingeënt en gecontroleerd op oormijt en misschien zelfs getest op ADV. Wanneer je pups haalt waarbij zij niet zijn gecontroleerd of veilig kunnen worden geacht (door geteste ouders) neem je het risico dat de pup het kan hebben. De kans is klein: maar wees je toch bewust van het risico.

Een pup wordt ingeënt op 9 en 12 weken door particulieren en een fokker kan vanaf 6 weken inenten (maar hoe meer richting die 9 weken hoe beter).

Pups behoren op een leeftijd van 8 à 9 weken minimaal 300-500 gram te wegen (uiteraard wegen de rammen meer dan moertjes). Controleer dit zelf met een weegschaal wanneer de fokker het niet weet!

Goede voeding (niet veelvoorkomend als je op zoek gaat)

Een goede fokker geeft de fretten niets anders dan prooi en/of KVV en wanneer niet mogelijk hoogwaardige fretten- of kattenbrokken. Let op: zeer veel merken frettenbrokken zijn niet geschikt als frettenvoer. Bekijk onder frettenbrokken de merken die voldoende voedingswaarde bieden. De mama van het nest behoort tevens wegens de zoogperiode dagelijks bijvoeding te krijgen in de vorm van prooi of KVV wanneer zij op brokken zit. Zonder is het niet ongewoon dat er vitaminetekorten ontstaan en de pups achterlopen in de groei, er pups in het nest overleden zijn rond 4/5 weken en wellicht zelfs door kanibalisme. Ondanks de zeer ernstige problemen is goede voeding nog steeds een groot probleem bij fokkers vanwege de zeer hoge kosten van voeding in voor een nestje fretten. Een goede start is het halve werk voor de gezondheid van je pup, dus spendeer hier met liefde wat extra tientjes aan! Dit heeft de fokker er immers ook per pup aan uitgegeven.

Een sociaal/gedrag gezonde pup van een fokker (niet veelvoorkomend als je op zoek gaat)

Er behoort genoeg aandacht voor het nest te zijn om nieuwe indrukken op te doen. Als voorbeeld: mijn pups wandelen dagelijks in een hele lage ren (knaagdier ren) voor schoonmaken en zodra ze eruit kunnen klimmen mogen ze mijn frettenkamer ontdekken (rond 6 weken ff uit mijn hoofd). Vanaf 7 weken kunnen daar nog extra indrukken zoals buiten in een ren of contact met andere volwassen fretten (onder zeer goed toezicht en uiteraard met de juiste) bijkomen. In mate indrukken toevoegen dus... Dan vinden ze het juist reuzeleuk en spannend om weer een nieuwe indruk als de dierenarts op te doen!

Wil je maar 1 pup i.p.v. 2?

Let dan bij je bezoekje aan de fokker extra goed op het karakter / de verschillen met het nest bij je pup. Niet iedere pup kan zomaar alleen en er zijn maar zeer weinig fokkers die dit goed onder de knie hebben. Kies geen angstig uitziend of reagerende pup maar juist 1 die zeker is van zijn/haar zaakjes en een beetje een eigen weggetje zoekt (niet dicht tegen andere pups aankruipt ter bescherming bijv).

De verzorging van een pup

Bijvoeding

Pups hebben minimaal éénmaal dagelijks bijvoeding nodig wanneer je brokken voert, aangezien deze niet voldoende voeding bieden voor een goede groei. Met name rammen vallen zo af en toe in bij de flanken omdat ze letterlijk sneller groeien dan ze brokken kunnen eten en veel bijtproblemen bij pups ontstaan door een (te) leeg buikje. Wanneer je prooi en/of KVV voert is bijvoeding niet nodig. Het verzadigd houden van je pupje zorgt dat je het ware karaktertje van je pupje te zien krijgt en zeker weet dat het bijtgedrag in ieder geval niet door honger komt. Zonder goede bijvoeding heb je een flinke kluif aan de opvoeding en is het niet ongewoon dat het fretje een bijtertje zal worden en wellicht zelfs zal blijven.

Een goede fokker die brokken voert geeft dagelijks zijn/haar pups bijvoeding in de vorm van vlees (prooi of KVV is het beste) om de buikjes goed rond te krijgen. In dit geval gaan we er vanuit dat dit niet is gebeurt gezien dit meestal niet het geval is.

Bijvoeding is voor een pup broodnodig tot een minimum leeftijd van 6 maanden vanwege de groei van de pup. Geschikte bijvoeding naast brokken is prooi en/of KVV. Waltham is alleen handig bij medische zaken en dient niet standaard in de fok gebruikt te worden (juist slecht te noemen wegens plantaardig en veel suikers). Heb je nog geen prooi/KVV in huis? Koop dan even wat rundergehakt in de supermarkt met spoed (geen varkensvlees!! dus niet half om half) en probeer dat met wat Waltham aan de pup te geven. De Waltham kun je gebruiken om pups die nog nooit vlees hebben gezien het aan te wennen (je kunt er net zo veel bij doen als de pup voor het eerst op gaat smikkelen en daarna de waltham verminderen tot je het weglaat bijv). Intussen kun je op zoek naar een webshop voor KVV (kant en klare versvoeding: zoals brokken maar dan rauw uit de vriezer) en prooi. Doe dit zo snel mogelijk want de meeste webshops komen één keer per maand langs in een regio.

KVV is wat anders dan kip of rund bij de slager/supermarkt, gezien dit vlees geschikt is gemaakt voor menselijke consumptie en dus juist zeer veel voedingswaarde mist die fretten wél nodig hebben. Het is een volledige voeder te noemen waartegen kip of rund alleen maar spiervlees is... Enige nadeel van KVV is dat het gemalen is waardoor af en toe prooi (minimaal 2x per week zou ik zeggen) toch wel heel erg goed is voor het gebit. Dat mag je zeker allemaal geven met 9 weken maar stel dat je een pup in huis haalt die alleen goedkope kattenbrokjes gewend is, is het de vraag of hij/zij het aan zal raken.

Waltham is wel handig wanneer een pup (of andere fret) ondervoed is, want het heeft veel suikers voor energie en is zacht voor het maag-darmkanaal van de fret.

Mocht je brokken willen blijven voeren kun je bijvoeren daarna afbouwen (echter is prooi blijven voeren aan te raden i.v.m. het gebit). Mocht KVV en/of prooi je bevallen blijf voor de gezondheid van je fret dan zeker daarop.

KVV merken: HaaksBarf kat en Carnibest. Van prooi kun je muizen, gerbils, kleine ratjes en af en toe een kuiken (weinig voedingswaarde dus max 1x per week) bijvoeren als je dat durft.

Controle

Heeft de fokker de controlepunten bovenaan de pagina overgeslagen? Controleer dit dan zelf en bij je dierenarts voor je pup! Laat je pup tevens inenten en chippen wanneer dit nog niet is gebeurt.

Te vroeg uit het nest

Pups behoren niet alleen de leeftijd bij hun moeder te blijven dat zij zogen (tot 6-7 weken), maar minimaal tot 8 à 9 weken om hun geestelijke (sociale vaardigheden en nieuwe ervaringen) en lichamelijke gezondheid (motoriek) optimaal te ontwikkelen om van een pup 'fret' te worden.

Heb je de pup zelfs nog jonger dan 7 weken in huis gekregen? De pup zit dan dus zelfs nog in de zoogtijd en in dit geval kun je omwille van de pup deze nog beter terugbrengen naar de fokker voor nog minimaal 2 weken extra bij de moeder wegens de stress die de pup intussen al heeft moeten doorstaan. Of een pup jonger of ouder dan 7 weken is kun je zien aan het gebit. Tussen 6,5 en 7,5 week krijgen pups hun volwassen gebit erbij dus zie je een extra hoektand verschijnen. Ze verliezen hun melkgebit tussen de 8 en 10 weken weer.

Maar ook wanneer je pup de juiste leeftijd heeft bereikt maar te weinig ervaringen heeft opgedaan bij de fokker en er hierdoor nog niet klaar voor was heeft je pup veel ervaringen gemist. Wanneer nog amper losgelopen heeft dit ook gevolgen voor de ontwikkeling van de motoriek. Om dit nog zo goed mogelijk te herstellen zul je nog voorzichtiger met je pup moeten omgaan dan normaal. De kans bestaat dat de pup extra bijtgedrag vertoond door de slechte opvoeding (ervan uitgaande dat er in de lijn goed op karakter is gefokt en de pup genoeg bijvoeding krijgt). Ondanks dat dien je de pup nooit te straffen maar vanuit positieve ervaringen voor de pup te werk te gaan. Wees zorgzaam met hem/haar zoals een moeder zou zijn en geef de pup alle ruimte en rust om te wennen! Heb je zelfs 2 pups aangeschaft? De pups trekken dan aan elkaar op wat al een hele hoop scheelt, maar de volgende alinea is nog altijd zeer belangrijk.

Biedt twee keer per week een nieuwe ervaring om de gemiste ontwikkeling en eventueel motoriek bij te werken en kijk goed of je pup het leuk en spannend vindt of juist doodeng. Wanneer het goed gaat kun je op dat ritme doorgaan met nieuwe ervaringen bieden. Is de pup nog angstig? Verminder dan naar één keer per week en biedt troost wanneer nodig. Een nieuwe ervaring kan zijn: voor het eerst loslopen, een andere ruimte, een keertje naar buiten, naar de dierenarts... al dat soort ervaringen! Deze nieuwe ervaringen maken dat je pupje later beter stressbestendig wordt en leuke dingen doen met het baasje versterkt de vertrouwensband op snelle wijze. Laat je pup chippen om risico's bij ontsnappingspogingen zo klein mogelijk te houden!

Omwille van het nog te jong zijn (leeftijd of geestelijk/motoriek dus) zal het koppelen met andere fretten lastiger verlopen gezien een volwassen fret de pup meer als 'baby' dan 'pup' beschouwd. Ook andersom zal de te jonge pup heviger reageren op een andere volwassen fret alsof deze zijn moeder is gezien de pup deze nog nodig heeft en te vroeg is weggehaald. Zelfs rammen zijn hier gevoelig voor en kunnen gaan slepen met de pup. Een volgroeide pup (lichamelijk en geestelijk) zal zich losmaken van een andere fret en zijn eigen gang gaan. Het sabbelen aan de oren van een andere fret is een veelgezien teken van een pup die te vroeg uit het nest is gehaald.



Kijk voor de opvoeding van een pup onder opvoeding!

Zoeken

Zoeken binnen deze site
Wat staat waar?

Wat is een fret?

Introductie v/d fret
Frettenfeitjes
Misverstanden
Ben jij geschikt voor fretten?

Algemeen

Huisvesting
Verzorging
Opvoeding
Gedrag
Medisch
Voeding
∠ Natuurlijke rauwe voeding
∠ Frettenbrokken
Reizen en vakanties
Fretten met andere dieren
Activiteiten met je fret
Overleden maatje
Frunzen
Veelgestelde vragen

Aanschaf

Voorbereidingen
Belangrijke beslissingen
Aanschaf volwassen fret
Aanschaf pup
Aanschaf maatje

Ervaren

Frettenkleuren
Voortplanting en fok
Fretteren

Overig

Frettennamen
Frettencode

Home | Forum | Nieuwsbrief | Contact

© 2011 Lelibel. All rights reserved.